Amsterdam heeft een lange en rijke geschiedenis in de tuinkunst. In de Gouden Eeuw groeide Amsterdam uit tot de belangrijkste handelsstad van de toenmalige westerse wereld. De grachtengordel vormde de eerste grote stadsuitbreiding. Achter de stadspaleizen die hier gebouwd werden ontstonden de meest prachtige tuinen. Deze tuinen hebben allen met hun rijke geschiedenis hun eigen verhaal, dit is het verhaal achter de tuin van het Geelvinck Hinlopen stadspaleis.
Amsterdam has a long and rich history when it comes to Garden Architecture. In the Golden Age period Amsterdam became the most important trading-city of the western world. The Canal-district was the first big extension of the city. Behind the City palaces arose the most beautiful gardens. Each of these gardens, with their long history, have their own story, this is the story of The Geelvinck Hinlopen City Palace.
Vanaf de bouw in 1687 in opdracht van Albert Geelvinck tot de bevrijding van de Franse overheersing in 1813, wordt het huis bewoond door één familiegroep van Amsterdamse regenten met bekende namen als Geelvinck, Hinlopen, Bicker, Trip, Graafland en Van der Poll. In 1813 verkopen de erfgenamen van Albert Geelvinck het stadspaleis aan een telg uit de rijk geworden handelsfamilie Asschenbergh, die er bijna 45 jaar blijft wonen. In 1867 komt het huis met koetshuis in handen van een bankier, die er niet alleen met zijn gezin woont, maar er tevens een kantoor houdt. In 1920 verandert Hagemeijer & Co. de functie van het huis uiteindelijk volledig in kantoorruimte. Het koetshuis is dan verbouwd tot woonhuis. Eind jaren ’90 laat de familie Buisman het stadspaleis restaureren en stelt het open voor het publiek.
The house was built back in 1687 by the instruction of Albert Geelvinck, it was him and some other famous members of his family who lived in the house until the end of the French occupation. In 1813 the house was sold to a scion of the rich trading family Asschenbergh who lived her for 45 years and in 1867 sold the house to a banker. In 1920 Geelvinck Hinlopen House is turned into a office of the Hagemeijer & Co. At the end of the nineties of the past century the current owners restore the property and opened it to the public.
Het hoofdhuis is één van de breedste op de Herengracht en is het dus ook één van de breedste grachtentuinen, de tuin loopt tot aan het koetshuis wat met zijn entree ligt aan de Keizersgracht. De tuin is vrij te bewonderen voor buurtbewoners en vrienden van het Geelvinck Hinlopen Huis, ook leden van de Nederlandse Tuinenstichting hebben vrij toegang op de Open tuindagen.
The main house and garden are one of the widest on this canal, the Herengracht. The garden ends by the Coach House wich is situaded at the Keizersgracht. Members of the Dutch Garden Society and residents have free access to the garden.
Tot achter in de achtiende eeuw is er weinig bekend over de indeling van de tuin in ieder geval had de tuin een barok uitstraling met veel buxushaagjes en een moestuin gedeelte nabij het koetshuis. De huidige tuin is in 1990 ontworpen door de tuinarchitect Robert Broekema en bestaat uit drie ‘kamers’. Bij het ontwerp van deze moderne tuin zijn referenties gemaakt naar historische stijlelementen: de knopentuin, de landschapstuin en de baroktuin / Daniël Marot. In de tuin zijn zowel historische planten- en bolsoorten verwerkt, als moderne variaties. Hierdoor is een symbiose ontstaan van het heden met de geschiedenis van deze tuin.
Until late 18th century the garden was in baroque style with many Buxus hedges and a kitchen garden near the coach house. The current garden was designed in 1990 by famous Dutch Garden & Landscape Architect Robert Broekema and excist of three rooms. The modern garden is designed with historical elements like for example; the Knot garden, landscape garden and baroque garden. Historical and modern species of plants are used in the modern design wich give a connection wit the rich past of the garden.
Meer informatie / More information; geelvinck.nl
In het volgende artikel over de rijke geschiedenis van de Amsterdamse tuinen; De tuin van Museum van Loon. Binnenkort ook meer aandacht voor tuinen die op de lijst staan voor Nederlands Groen cultureel erfgoed.
